Overgebleven werk

Rineke van Daalen heeft een boek geschreven over de overblijf op school. Eigenlijk is het meer een verslag van een sociologisch onderzoek naar het overblijven. Ze beschrijft de moeilijkheden waar de overblijfkrachten mee te maken hebben en de plaats van het overblijven in de school en maatschappij.

Na mijn eerste verbazing over het feit dat je een boek kon schrijven over overblijven heb ik het zeer geboeid gelezen. En mijn aanvankelijke verbazing werd al gauw schaamte, want ik herkende mezelf in de hooghartige en afstandelijke leerkrachten die eigenlijk het overblijven maar een lastige aangelegenheid vinden in hun klas, plein of school. In heel mijn onderwijscarrière is er geen bestuur, directie of collega geweest die de overblijf serieus nam. Wel was er sprake van dat we ( als school)? verplicht waren om de gelegenheid te bieden tot overblijven. Maar hoe en waar, en met welke middelen, dat moesten de ouders maar zelf uitzoeken. En we wilden er vooral geen last van hebben.

Rineke’s grote kracht is, dat ze vanuit historisch perspectief, helder laat zien dat overblijven nooit serieus is genomen. Ze beschrijft hoe het overblijven als verlengde van het moederen thuis wordt gezien en hoe dat komt. Maar in onze tijd is het zo-nu-en-dan-moederen over een paar kinderen tussen de middag een echte voorziening geworden onder de naam Tussenschoolse Opvang. Er maken heel veel kinderen van deze voorziening gebruik. Maar de mensen die dit werk doen hebben geen rechten. Overblijfkrachten hebben geen of nauwelijks een eigen lokaal en spullen. Ze verdienen geen of heel weinig geld. De belastingdienst zit ze op de hielen als ze teveel verdienen.En ze hebben veel plichten.

Overblijfkrachten op verschillende scholen kampen allemaal met dezelfde problemen. Onbeschofte kinderen, niet voor vol worden aangezien door leerkrachten en directie en ouders van de kinderen. Ouders die niet eens weten wie er tussen de middag bij hun kinderen is en hoe hun kind zich daar gedraagt. Ook de administratie van de overblijf en de betalingen leveren overal dezelfde problemen op.

Rineke beschrijft drie verschillend scholen waar ze zelf heeft meegewerkt aan het overblijven en ze is er in geslaagd om met heldere verhalen de mensen van de overblijf te beschrijven als betrokken en trouwe werkers die ondanks de omstandigheden blijven proberen om de overblijf vorm te geven als een ontspannen moment tussen de lessen.
Tevens laat ze de vraag reuzengroot staan waarom we in dit over geregelde landje dit uurtje tussen de middag zo weinig waarde geven. Want we weten allemaal wat onze kinderen elk uur van de dag doen, waarom interesseert ons dan niet wie er maximaal 4 uur per week met onze kinderen eet, hoe dat gaat en of ons kind zich daar gedraagt en het naar de zin heeft.

Kortom dit boek is een aanrader voor ouders die overblijvende kinderen hebben, maar zeker voor leerkrachten, directies en besturen en de politiek.

Bovenal is het een boek waar de mensen die in de overblijf werken zich in zullen herkennen en zich erkend weten.

met dank aan Jorien
SHARE:
Next PostNieuwere post Previous PostOudere post Homepage

0 comments:

Een reactie posten

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...